Wat is nodig om deel te nemen aan een trailrun?

Wat is nodig om deel te nemen aan een trailrun?


Twee weken geleden vielen mij twee naast elkaar gelegen foto’s op. In mijn regionale krant stond een foto bij een artikel met als kop ‘Speeltuin voor volwassenen’. De krant lag naast het clubblad van Veteranen Nederland. Daar was op de cover een man afgebeeld die volledig bepakt en bezakt door de woestijn aan het lopen is. De ‘speeltuin’ moet ik even uitleggen. Het artikel was een terugblik op een trailrun door de Brabantse bossen in Oosterhout. Op die foto zag je een viertal jonge vrouwen door een zandduin lopen. Ze hadden zichtbaar plezier in deze korte run van negen kilometer.

Wat ook opviel was dat ze net zo goed een 10 kilometer op de baan hadden kunnen lopen. Allen liepen op ‘gewone’ sportschoenen en slechts eentje was getooid met een gordel met drankflesjes. Het contrast met de man die de Marathon des Sables overwon kon niet groter. Binnen die range van (bijna) naakt tot (over)volle bepakking beschrijf ik de uitrusting zoals je die niet hoeft, maar kunt gebruiken voor je wedstrijd.

De minimalen

Steeds vaker worden korte trails aangeboden. Vaak als de kortste afstand van een evenement waar je kunt kiezen uit meerdere afstanden. Nu kan een hierboven beschreven 9 kilometer al best lang zijn voor een beginnend loper of loopster, we rekenen toch de trails tussen 5 en 10 kilometer voor het gemak even als de opstapafstand. Op deze afstand, in principe altijd wel in een uur of iets meer af te leggen, is het niet echt nodig om je vol te hangen met ondersteunende materialen waarover we het later gaan hebben. Vanzelfsprekend is het wel altijd een aanrader om goede schoenen aan te trekken. Ook al is de afstand relatief kort, de natuurlijke hindernissen moeten overwonnen worden, anders kun je het met goed fatsoen geen trail noemen.

Om goed grip te hebben op ongelijke bospaden, zandverstuivingen en modderstroken zijn trailschoenen eigenlijk de enige echte aanrader. Eenmaal geprobeerd is de kans groot dat je daarna nooit meer op je wegschoentjes door de natuur gaat lopen. Het heeft een bijkomend voordeel dat je met twee paar schoenen niet alleen goed kunt afwisselen, maar ook je voeten ‘traint’. De absolute minimalisten zullen misschien zelfs bos- en zandgrond overwinnen op blote voeten. Wie dat niet ziet zitten, kan dan altijd nog kiezen voor minimalistische schoenen. Schoenen met een lage hak en soms bijna in de vorm van een ‘blote’ voet. Verder hoef je tot 10 kilometer geen bijzondere aandacht te besteden anders dan dat je dit zou doen bij een cross of een stratenloop. Een goed zittende broek, wellicht een wat langer type vanwege struiken, een functioneel shirt en een paar goede sokken in de schoenen. Prettig zittend sportondergoed en met name voor de loopsters een goede sportbeha zijn eigenlijk altijd een vereiste.

De tweede laag

Gaan de afstanden omhoog en wellicht ook het parcours (heuvellopen of trails in bergachtig gebied) dan is het onverstandig om met alleen de minimale ‘bepakking’ aan de start te verschijnen. Boven de 15 kilometer lengte, zeker op wat zwaardere parcoursen, is het meenemen van drinken noodzakelijk. Hoewel er ook bij trails geregeld een verzorgingspost wordt neergezet, moet je het risico niet nemen. Ook als je onverhoopt het spoor verliest is het meenemen van vocht en of vloeibare voeding buitengewoon aan te raden.

Maar laten we beginnen met de kleding alvorens we het over de tweede laag gaan hebben. Ook hier zijn er vanzelfsprekendheden zoals al beschreven bij de ‘minimalen’, maar hier geldt dat shirts en (thermo-)ondergoed een must zijn. Kleding in laagjes is de beste optie om tijdens plotselinge temperatuurverschillen je kleding aan te passen. Is het parcours gelegen in ruiger terrein (dat hoeven niet meteen rotsen te zijn, maar bijvoorbeeld ook bossen met veel ondergroei en bijvoorbeeld braamstruiken) dan voorkomt een lange(re) broek al dan niet in combinatie met hoge kousen het oplopen van krassen. Ook lange mouwen zijn dan prettig, zeker als je ze weer kunt opstropen als het warmer wordt.

Voor brildragers of mensen met contactlenzen is een petje vaak de redding als er toch takken in de richting van je hoofd zwiepen. Een loopbril met voor een donker bos gewoon transparante glazen voorkomt ook het verlies van je lenzen. Een ander populair hoofddeksel is de bandana. Het helpt je hoofd warm te houden als je in de winter loopt en voorkomt druppels in je ogen als het juist warm is tijdens je loop. Steeds vaker zie je ook de multifunctionele hoofdbanden die tevens als shawl te gebruiken zijn.

Op een slag betere trailschoenen (goede demping in combinatie met goede grip) en de hierboven genoemde kledingstukken en accessoires kun je de ‘tweede laag’ aantrekken. Dat betreft dan weer het meenemen van drinken. Naast de ouderwetse bidonhouder (hotsend op de rug) en de ook vaak irritante riem met vier of zes flesjes is er inmiddels een scala aan zogenaamde hydration packs. De oudste en bekendste is de Camelbak, maar inmiddels zijn ook andere waterrugzakken voor een relatief lage prijs te koop in de sportwinkels. Met name de exemplaren met een bandje voor de borst voorkomen het klotsen van je waterbuideltje op je rug. Het maakt het de fanatieke lopers zelfs mogelijk om waterposten te laten voor wat ze zijn en gewoon uit eigen waterzak te slurpen.

Volle bepakking

Het lopen van trails in Nederland wordt steeds populairder. Logisch, want ons land biedt geweldige evenementen in beeldschone gebieden. Er is voor jarenlang aanbod om alleen maar door de Nederlandse natuur te struinen. Wie heuvels wil kan in Limburg, Salland, de Veluwe en in de duinen terecht. Mocht dit smaken naar meer, dan is een uitstap naar de echte bergen snel gemaakt. Heel erg in trek zijn nu al de wedstrijden in de Ardennen. Rotsen, lange klimmen, steile afdalingen en soms al enorme afstanden. Wie hier gaat meedoen heeft aan het bovenstaande niet genoeg.

Naast een wellicht wat grotere rugzak met water is het ook goed om de zijvakken van die bagage te vullen met extra’s voor de lange wedstrijd. Vaste voeding of voedingsgels kunnen daarin worden meegenomen. Ook een vakje voor de telefoon is handig. Bij diverse wedstrijden staat het meenemen van een telefoon bovenaan het af te vinken lijstje. Wie echt heel erg lang gaat lopen (en die zijn er) kan dan ook een volle telefoonoplader meesjouwen. Dan alleen nog hopen dat je bereik hebt. Weet als dit niet zo is, dat het meenemen van een fluitje (soms zit dit aan je (water)rugzak) ook levensreddend kan zijn. Naast voeding en de in ieder geval uit te peilen telefoon zijn ook extra kleding en een nooddekentje aan te raden. Nooddekentjes zijn niets anders dan de doeken die je bij marathons uitgereikt ziet worden na de finish. In trailrunshops, maar zeker in bergsportzaken zijn ze voor een paar euro aan te schaffen.

Steeds vaker wordt bij de start van grote trails de lopers gevraagd een eigen drinkbeker mee te nemen. Vreemd wellicht als je zelf water op de rug torst, maar heel verklaarbaar als je toch een verzorgingspost aandoet. Op die posten in de natuur wil men het milieu sparen en worden bijna nooit meer plastic bekertjes met sportdrank, cola of bouillon verstrekt. Dat is de reden dat je zelf een cup mee moet nemen. Vaak bungelt deze aan de rugzak en dan naast de ingeklapte stokken. Stokken die je met name in zwaar rotsachtig terrein kunnen behoeden voor uitglijders. Je hebt altijd één of twee extra punten waarmee je in balans kunt blijven. Wel altijd voor de start even checken, want er zijn berglopen en trails waar het lopen met stokken juist verboden is. Hebben we

Dan alles gehad?

Nee, een van de belangrijkste hulpmiddelen van bijna iedere (trail)runner zit om de pols. Vanaf de ‘minimalen’ tot aan hen met de ‘volle bepakking’ zijn de sporthorloges naast de (Salomon)schoenen het meest geliefde gadget. De ‘oerlopers’ gruwen er wellicht van, maar het is een gegeven dat iedereen zijn of haar inspanning zowel onderweg maar ook na afloop graag wil zien en delen. Social media staat vol met afgelegde parcoursen, hoogtemeters, gestileerde rondjes en vooral gelopen tijden. Allemaal van de pols overgeheveld naar de telefoon of de computer. Voor mensen die makkelijk verdwalen zijn er horloges die je via GPS weer snel op het juiste pad brengen.

Toch zijn de sporthorloges niet het allerbelangrijkste dat je moet meenemen naar de start van je run. Dat is en blijft toch vooral je motivatie om gewoon lekker een stuk door de natuur te rennen. Vijf kilometer of 100 Mijl, het maakt in principe niet uit. Er is maar een devies voor alle trailers, genieten!