In alle vroegte vertrekt Jan Versteegh op zondag 12 april naar Rotterdam. Vandaag staat hij aan de start van de 45ste editie van de NN Marathon Rotterdam. Dat hij hier deze ochtend zou staan was op z’n zachts gezegd onzeker. Een scheurtje in zijn kuitspier – opgelopen drie weken voor het evenement – zette bijna een streep door de marathon. Maar hij start toch. “Ik wilde liever na een paar kilometer uitvallen, dan op de bank naar de marathon kijken met de vraag ‘wat als?’ Er is altijd een kans”, zegt hij er nu over.
En dus gaat Jan van start. Hij past zijn tempo aan, schroeft de verwachtingen omlaag en geniet, als geboren Rotterdammer, met zijn met tape ingepakte kuit van het uitzinnige publiek (‘Rotterdam is echt de vetse marathon van ons land’).
Maar het gaat beter dan verwacht. Meter voor meter, voet voor voet passeert hij de kilometerborden van 5, 10 en 15 km. Halverwege appt Jan naar huis. ‘Het gaat redelijk. Geen garantie dat ik het haal, maar het gaat op zich oké’, schrijft hij.
Strompelen
In het tweede deel krijgt hij steeds moeilijker. “Vanaf kilometer 35 had ik wel écht pijn.” Maar Jan houdt vol en komt met twee handen omhoog over de finish. Tijdens het interview met omroep Rijnmond – die hem meteen na de finish opvangt – is te zien hoe hij tegen een boom leunt, met een grote glimlach zijn ervaringen van de dag deelt en vervolgens verder strompelt. Eén ding is duidelijk: Jan heeft alles gegeven.
Dat merkt hij de dagen daarna ook nog. Meer dan eens gaat hij achterstevoren van de trap. Maar het is het allemaal waard geweest. Hoewel niet in de gewenste tijd onder de 4 uur en met meer pijn dan gewild, is één ding aan het einde van die 12de april meteen helder. Volgend jaar wil hij opnieuw over de Coolsingel.

Noorderpark Amsterdam
Jan Versteegh (40) is een presentator en programmamaker die bekend werd als verslaggever bij PowNews en BNNVARA. Hij presenteerde programma’s als Spuiten en Slikken, Proefkonijnen en Lingo. De laatste drie jaar is hij vooral bekend van het populaire SBS6-programma De Bondgenoten op SBS6.
Dat blijkt ook wel als Jan in het Amsterdamse Noorderpark – waar we vandaag zijn voor de fotoshoot en dit interview – wordt aangesproken door een mevrouw in een scootmobiel. Ze wacht haar kans af en spreekt de presentator aan, waarna een geanimeerd gesprek plaatsvindt.
“Ik ken jou wel, want ik kijk naar De Bondgenoten”, zegt de vrouw. “Ow wat leuk. Wat vindt u ervan?”, vraagt Jan. Nadat ze de presentator eerst aan de tand voelt over de liefdesperikelen binnen De Bondgenoten zegt ze. “Ik vind dat er te veel spelletjes zijn”, zegt ze.
“Maar dat is juist een beetje mijn rol. Vindt u mij dan overbodig?”, reageert Jan met een glimlach. Even valt er een stilte. Dan schudt de vrouw resoluut haar hoofd. “Nee, nee, helemaal niet. Ik vind jou zo’n leuke jongen”, zegt ze, terwijl ze haar duim opsteekt.
Presentator
Terug naar het hardlopen. Dat is waar we Jan vandaag over willen spreken. Want naast presentator, podcastmaker en columnist is hij ook hardloper. Nadat hij tijdens de shoot bijna door zijn enkel ging (‘had ik bijna een dagje eerder vakantie gehad’), zijn hamstring verrekte en zijn ongenoegen uitte over de pacer die hem bij de marathon van Amsterdam in 2022 22 seconden boven zijn streeftijd van 3:59:59 liet finishen, neemt hij plaats in een Amsterdams restaurant om te vertellen over zijn hardlooppassie. Over die pacer overigens later meer.
Hoe is het hardlopen in jouw leven gekomen?
“Ik heb de ALO gedaan, dus ik ben van oorsprong gymleraar. Het werk op een school vond ik niet zo leuk, maar de opleiding vond ik fantastisch. Daarom heb ik er ook vijf en een half jaar over gedaan (grote grijns). Naast die 25 uur in de week die je op de academie sport gingen we ook naar de gym.”
“We waren allemaal een binkie. In die periode heb ik – zonder deel te nemen aan wedstrijden – veel hardgelopen. Sterker nog, ik heb zelfs hardlooptraining gegeven. Mijn vader zat in zo’n groepje, die trainde ik dan op de zaterdagochtend. Daarna, toen ik begon met werken bij de tv, is het weggezakt.”

Wat deed je als kleine jongen eigenlijk aan sport?
“Hockey en tennis, de kaksporten zeg maar”, waarna hij in lachen uitbarst. “Maar daar was ik helemaal niet zo goed in hoor. Ik geloof dat ik weleens clubkampioen ben geworden, maar dat kwam dan vooral doordat niet zo veel mensen tennisten in het dorp. En als hockeyer zat ik later in heren 4 van Gouda. Nee, wat dat betreft was ik niet zo competitief. Dat vind ik het mooie aan hardlopen, dat is een wedstrijd tegen jezelf. Dan kan ik van niemand winnen of verliezen.”
Toen je begon met werken bij tv zakte het weg, vertelde je net. Wanneer heb je het weer opgepakt?
“Ik denk zo’n 10 jaar geleden. Ik begon eerst met wielrennen, maar als ik dan geen zin had om al die spullen bij elkaar te zoeken, ging ik hardlopen. En dat ben ik blijven doen. Ze zeggen weleens dat je alles waar je goed in bent leuk vindt. Nou, ik ben helemaal niet zo’n goede hardloper, ik heb ook geen mooie loop, maar ik vind het wel heel leuk.”
Je woont hier niet zo ver vandaan. Waar loop je jouw rondjes?
“Mijn favoriete route is een rondje rondom de Volgermeerpolder, net boven Amsterdam-Noord. Dat is een prachtig natuurgebied. Omdat het vervuilde grond is en er daarom geen bomen groeien, heb je een wijds uitzicht. Als je dan ’s morgens de zon omhoog ziet komen, is dat heerlijk. Een andere route die ik vaak loop is heen en weer naar Ilpendam, dat is precies 10 kilometer.”

Wat trekt je aan in het lopen?
“Ik trek mijn schoenen aan en ben weg. Ik vind dat toch wel de romantiek van het hardlopen. En of je dan 2 kilometer gaat of een halve marathon loopt, dat maakt niet uit. Ik denk altijd als ik geweest ben: ‘Lekker, dat heb ik gedaan.’ Het mooie vind ik ook dat je altijd ergens komt, je komt mensen tegen, je hebt de zon in je gezicht en ziet vogels en planten. Een stukje hardlopen helpt altijd.”
Hoe bedoel je dat?
“Als ik langer dan 15 km ga, merk ik echt dat ik in een soort staat kom. En als ik ergens niet uitkom of ik wil iets creatiefs bedenken, ga ik hardlopen. Het levert me ideeën op voor columns of programma’s. Al rennend pak ik dan mijn telefoon en schrijf ik snel iets op, voordat ik het vergeten ben. Nee, ik ben helemaal om.”
“Kijk, ik zal nooit de top bereiken. Ik zal nooit de marathon onder de 3 uur lopen. Sterker nog, als ik hem ooit onder de 4 uur loop, dan zou ik dat van mezelf echt een grote prestatie vinden.”
Naast de ideeën die opdoemen in je hoofd, geeft hardlopen jou ook rust?
“Ja, absoluut. Ik merk wel dat het helpt om in je kop rustig te worden, want ik heb gewoon een druk leven. Ik maak tv, schrijf columns, heb een gezin en probeer ook nog een sociaal leven te onderhouden. Dus al ga ik maar 20 minuutjes hardlopen, dat is toch gewoon even een momentje voor mezelf. Want ik loop altijd alleen.”
“Als je samenloopt dan wil iemand praten of loop je net een ander tempo en moet ik me aanpassen. Dat wil ik niet. Laat me maar lekker met rust. Het hardlopen is echt iets voor mezelf. Ik haat de term me-time, maar dat moment voor mezelf is wel echt lekker.”
Wil je het hele artikelen? Lees dan verder via Blendle of bestel hier het laatste nummer van RunningNL.