Zijn debuut maakte Trommelen, 66 jaar nu, in 1985. Sindsdien miste hij slechts één editie (in 2020 ging de NN Marathon Rotterdam niet door vanwege de coronapandemie). Dat was in 1986. “Ik had mijn enkelbanden gescheurd en liep in het gips”, verklaart hij. Trommelen was er flink ziek van, want toen al was hij – na één deelname – bevangen door het marathonvirus. En dan specifiek die van Rotterdam. Die liep hij verreweg het vaakst. “Ik heb één keer in Berlijn gelopen en een keer in New York. Hartstikke mooi, maar die marathons halen het wat mij betreft niet bij Rotterdam.”
Carlos Lopes
Nog altijd bestempelt Trommelen 1985 als een van zijn mooiste deelnames. Niet alleen omdat het zijn eerste was. Ook omdat de Portugees Carlos Lopes met 2:07:12 een wereldrecord liep. “Dat was het eerste wereldrecord dat in Rotterdam werd gelopen. Het zorgde voor een heel bijzondere sfeer. Bij het publiek, maar ook onder de deelnemers. We voelden ons onderdeel van een historisch moment.”
Hoewel er in die tijd nog geen apps en livestreams waren, wisten publiek en deelnemers heel goed dat Lopes onderweg was naar iets moois. “Dat gevoel werd overgedragen op ons als recreatieve deelnemers. Op een gegeven moment was er een stuk waar de kopgroep de rest van de deelnemers weer tegemoet kwam. Het publiek bleef maar roepen: wereldrecord, wereldrecord! En toen Lopes eenmaal gefinisht was, bleven de toeschouwers euforisch over zijn tijd. Van al die aanmoedigen krijg je een boost, ook als je er ver achteraan loopt.”

Rillingen
Graag had hij dat gevoel twee jaar geleden nog eens meegemaakt. De overtuiging was groot dat de Keniaan Kelvin Kiptum in 2024 in de Maasstad zijn eigen wereldrecord van 2:00:35 kon verbeteren. Hij wilde onder de twee uur lopen. Of dat had gekund, zal niemand ooit weten. Kiptum en zijn coach Gervais Hakizimanam kwamen door een tragisch auto-ongeluk in februari 2024 om het leven.
Trommelen: “Dat is ontzettend triest. De herdenking voorafgaand aan de start dat jaar was indrukwekkend. Al die duizenden mensen waren stil. Ik krijg er nog koude rillingen van als ik eraan denk.”
Verandering
In veertig jaar heeft Trommelen de marathon – niet alleen die van Rottedam – zien veranderen. “In het begin werd je als amateurloper in Nederland toch een beetje voor gek verklaard. Wie gaat er nou voor zijn lol zo’n eind lopen?”
Hoe anders was dat in New York, waar de Brabander in de jaren negentig deelnam. “Daar vond iedereen het prachtig. In de metro stonden mensen voor je op uit respect. ‘You ran the marathon? Fantastic!’ Dat soort reacties kende ik vanuit Nederland niet. Inmiddels is dat wel anders, ook omdat zoveel mensen marathons lopen nu.”
Inschrijven in aftandse tent
Marathons zijn grootser en massaler geworden. Ook in Rotterdam. Er zijn veel meer deelnemers en mensenmassa’s aan publiek. Tegelijkertijd is de organisatie professioneler dan in de beginjaren. Dat moet ook wel, met zoveel mensen op de been. Het gemoedelijke van vroeger is er daardoor niet meer, vindt Trommelen.
“We stonden ons in een aftandse tent in te schrijven. Het was een beetje zoals de Elfstedentocht: het had iets gezelligs en charmants, maar het was tegelijkertijd wel heel goed georganiseerd. Nu is alles commerciëler en heel groots. Dat heeft voor- en nadelen. De organisatie is heel strak en goed, maar als je in startwave 5 zit, hoor je het You’ll never walk alone echt niet”, zegt hij.
Lees ook: Wat is het ideale marathontbijt? – RunningNL
Gele Kanarie
Toch gaat er voor Trommelen niets boven de NN Marathon Rotterdam. In april wil hij zijn veertigste voltooien. En ook al loopt hij inmiddels ruim een uur langzamer dan zijn snelste tijd ooit, dat mag de pret niet drukken.
“Het staat acht rijen dik, het is een volksfeest. Ik kom nu een uur later langs de Gele Kanarie. De mensen hebben een paar biertjes extra op, dus het is daar één groot carnaval. Ik hoop nog een paar jaar mee te doen, maar als ik stop, dan zal ik geen andere marathon meer lopen. Het is voor mij Rotterdam of niets.”
Vera Nollen gaat voor 28ste deelname
Zo denkt Vera Nollen er ook over. Zelfs nu ze verhuisd is van Rotterdam naar Bennekom, is ze er 12 april weer bij. Nollen maakte haar debuut in 1998. Ze werkte bij een architectenbureau in het hart van de stad. Collega’s hadden een andere collega opgegeven en toen zei Nollen dat ze ook wel mee wilde doen.
“Ik wilde er alleen wel goed voor trainen. Ik had ooit ongetraind een halve marathon gelopen, maar dat leek me voor de hele een slecht idee. We zouden samen gaan trainen, maar op een gegeven moment haakte hij af en stond ik in mijn eentje aan de start.”

1998
Die eerste deelname in 1998 staat nog steeds hoog op haar lijstje van favorieten. Hoewel ze met 4:45 niet haar gewenste tijd liep. “Ik was zo geëmotioneerd en dankbaar dat ik mee kon doen. Het was zo’n happening. Ik weet nog dat ik in de laatste vier, vijf km een appelsap kreeg van een vriend. Die viel heel slecht. Ik werd kotsmisselijk en moest overgeven op de Maasboulevard. Maar ik heb hem wel uitgelopen.”
Haar collega’s wachtten Nollen op bij de finish en gingen mee naar haar huis. “Ik stommelde de trap op, was een dweil. Maar toen ze later vroegen of ik het jaar daarna weer mee zou doen, wilde ik heel graag.” Ze is nooit meer gestopt met hardlopen.
Trappen oprennen
Nollen ging meer trainen en werd steeds beter. Aan het begin van deze eeuw werkte ze in het Beurs WTC-gebouw in Rotterdam. Als training rende ze in de lunchpauze twee keer alle trappen op. “Dat zijn 26 verdiepingen. Ik kleedde me om achter een kastdeur, ging met de lift naar beneden en rende omhoog. Ik kwam op de Beurstraverse uit bij de branddeur. Na de pauze keerde ik met een rood hoofd weer terug op mijn werkplek.”

Deze en natuurlijk ook haar andere trainingen wierpen hun vruchten af. In 2004 liep Nollen haar beste tijd in Rotterdam: 3:14. Ze eindigde daarmee als tweede vrouw in haar leeftijdscategorie. “Ik kreeg daar een mooie beker voor in de hal van de Beurs. Dat vond ik wel mooi. Zeker omdat ik daar werkte en me vooraf had omgekleed in mijn eigen werkkamer en had ingelopen op de gang bij de facilitaire dienst”, vertelt ze.
Pensioen
Inmiddels gaat ze zo snel niet meer. Vorig jaar liep ze naar eigen zeggen een ‘vreselijke’ tijd van 5:13. “Het is een grote teleurstelling dat het elk jaar langzamer gaat. Ik ben net met pensioen, maar tot het einde kun je je op je werk verbeteren met behulp van je ervaring. Maar fysiek word je op een gegeven moment alleen maar minder. Dat moet ik onder ogen zien. Aan de andere kant zijn er ook veel mensen die de marathon niet meer kunnen lopen. Dus ik ben ook dankbaar als ik straks in april weer mee kan doen. Ook al is mijn knie versleten. Ik weet dat het een keer ophoudt, maar hopelijk duurt dat nog even.”
Organisator Mario Kadiks krijgt na al die jaren nog steeds kippenvel
37 jaar lang was Mario Kadiks directeur van de NN Marathon Rotterdam. Het evenement voelt dan ook wel een beetje als ‘zijn kindje’. In al die jaren dat hij de leiding had, zag Kadiks de NN Marathon Rotterdam groeien, zowel in aantal deelnemers als in kwaliteit. “We zijn altijd voor de kwaliteit gegaan. Elk jaar wilden we beter en innovatiever zijn. Altijd met de atleet op één. Daardoor heeft het evenement zo groot kunnen worden.”
Uit al die jaren kan hij handenvol mooie herinneringen opnoemen. Toch kiest hij voor 1998. Tegla Loroupe liep toen een wereldrecord bij de vrouwen (2:20:47). Ook het wereldrecord bij de mannen was op dat moment ‘in handen’ van Rotterdam. Belayneh Dinsamo had in 1988 2:06:50 gelopen.
“Dat beide wereldrecords op dat moment in Rotterdam waren gelopen, was heel speciaal voor ons als organisatie. Het zijn de atleten die het doen, maar wij hebben wel altijd alles gedaan wat in onze mogelijkheden ligt om ze optimaal te laten presteren”, zegt Kadiks. Een snel parcours, het aan de start brengen van snelle lopers en de juiste hazen noemt hij als voorbeelden.
De wereldrecords staan wat hem betreft symbool voor de filosofie van de organisatie: de loper staat op één. Of die nu een wereldtopper is of een van de duizenden recreanten. “We willen alle deelnemers zo goed mogelijk faciliteren. Alles waarover zij zich zorgen zouden kunnen maken, willen wij wegnemen. Elk jaar willen we het beter doen, om de deelnemer nog meer plezier te geven en tot een nog betere prestatie in staat te stellen”, zegt Kadiks.
Moeilijke momenten waren er in al die jaren ook. 2020 staat met stip op één. Drie weken voordat de marathon zou plaatsvinden, besloot de organisatie vanwege het oprukkende coronavirus om het evenement af te gelasten. “Dat was een heel moeilijk en emotioneel besluit. Niet veel later werden alle evenementen door de overheid verboden, dus we hadden de goede beslissing genomen. Maar makkelijk was het niet. Niet voor ons, niet voor de deelnemers en niet voor sponsors.”
Om, juist in een moeilijke tijd, het NN Marathon Rotterdam-gevoel levend te houden, ontwikkelde de organisatie een app waarmee deelnemers hun deelname konden nabootsen.
Kadiks: “Lopers konden niet naar Rotterdam komen. Dus wilden we een manier bedenken waarmee we Rotterdam naar de mensen konden brengen.”
In de app zong Lee Touwers You’ll never walk alone, er werd afgeteld tot het startschot en onderweg hoorden deelnemers muziek, aanmoedigingen en een verslaggever van RTV Rijnmond die vertelde dat de loper op dat moment (denkbeeldig) langs De Kuip, over de Erasmusbrug of langs het Kralingse Bos liep. Kadiks: “Op die manier wilden we mensen via de marathon toch met elkaar verbinden.”
Die verbinding karakteriseert de NN Marathon Rotterdam, zegt hij. “Het evenement brengt alle lagen van de bevolking bij elkaar, van jong tot oud. Er is al 45 jaar zoveel liefde voor de marathon in de stad. Dat merk je aan de marathonkoorts die je vanaf begin april voelt in Rotterdam. De saamhorigheid is enorm. De sfeer bezorgt je kippenvel. Een marathon lopen is noeste arbeid. Dat past gewoon bij de stad Rotterdam en dat merk je. Iedereen houdt van die marathon en daar ben ik ontzettend trots op.”
Lees ook: Topatleten blikken vooruit op jubileumeditie NN Marathon Rotterdam: “Ik ben terug” – RunningNL