Als chef-inkoop bij speciaalzaak Runners’ lab heeft Eddy D’Hondt zijn handen vol. “We verkopen jaarlijks bijna 80.000 paar loopschoenen. Een goede coördinatie, waarbij we ons uiterste best doen om aan de behoeften van elk type loper te voldoen, is essentieel.
Carbonschoenen passeren zeker de revue, maar in mindere mate. En dat betekent niet per se slecht of goed nieuws.” Later in het artikel meer daarover. D’Hondt studeerde orthopedische techniek en is al meer dan 30 jaar een gevestigde naam in de loopwereld. Tegenwoordig maakt hij deel uit van een technisch panel van de Running Experts, een groep loopdeskundigen uit heel Europa.

Wat is carbon?
Maar laten we beginnen bij het begin: wat zijn carbonschoenen precies? D’Hondt: “De term carbon verwijst naar de carbonplaat in de tussenzool. Carbon – ook wel koolstofvezel genoemd – heeft een hoge stijfheid, is enorm sterk en weegt niet veel. De stijve carbonplaat geeft tijdens de landing energie terug. Daardoor voelt het alsof je door middel van een springveer voortgestuwd wordt.”
Over de benaming wil D’Hondt nog iets kwijt. “Eigenlijk dekt het woord carbonschoen niet de volledige lading. Want niet alleen de carbonplaat zorgt voor energiebesparing, ook het schuim in de middenzool, dat werkt als dempingsmateriaal, ontwikkelt zich steeds verder. Revolutionaire loopschoenen gaan hand in hand met supercritical foams, goed voor een energieteruggave van 85 procent en meer. De carbonplaat in combinatie met de foam is dus de yin en yang van de schoen. Daarom spreekt men in de loopwereld steeds meer over superschoenen.”

VAN EVA NAAR PEBA: EVOLUTIE VAN DE MIDDENZOOL
Supercritical foam? Om te begrijpen waarom dit een gamechanger is, nemen we je mee naar de evolutie van de middenzool. In de jaren 70 deed de EVA-foam (ethyleenvinylacetaat) zijn intrede, met Brooks als grondlegger. Een chemisch mengsel van ethyleen en vinylacetaat resulteerde in een licht, sponsachtig materiaal dat lang de loopschoenenwereld domineerde.
Dit materiaal is overigens ook te vinden in bijvoorbeeld zwemnoodles en fietszadels. Met een energieteruggave van 60 tot 65% voldeed EVA aan alle criteria voor een effectieve en betaalbare hardloopschoen. In 2012-2013 bracht de industrie een primeur met TPU-foam (thermoplastisch polyurethaan).
Er werd een manier gevonden om polyetheen om te zetten in kleine korrels. Met behulp van thermoplastisch materiaal konden deze korrels gesmolten worden, zodat het in een loopschoen past. Hoewel het lichter is en een energieteruggave van 70 à 75% oplevert, is het vooral stijver en iets zwaarder in vergelijking met EVA.
Velen zien het als een zijwaartse stap richting de supercritical foams van vandaag. Want in 2017 vond de echte revolutie plaats met de aankondiging van de PEBA-foam (polyether block amide), ook bekend als PEBAX. Nike onthulde als eerste de techniek met de Vaporfly.
Sinds 2023 begint het door te sijpelen naar andere modellen. Met een energieteruggave van boven de 85% biedt het een zachtere, minder stijve ervaring dan EVA en TPU. Professionele marathonlopers omarmen deze technologie door het ene record na het andere te breken.
JUISTE LOOPTECHNIEK EN SNELHEID
Nu denk je wellicht: het ene record na het andere sneuvelt, waarom lopen we dan niet allemaal op carbonplaten? “Niet iedereen is ervoor in de wieg gelegd”, weet D’Hondt. “De atleet bepaalt of hij of zij er voordeel uit kan halen. Je moet beschikken over een sterk beenderengestel en een bepaalde snelheid kunnen lopen.”
Verschillende onderzoeken onderstrepen die uitspraak. Daaruit blijkt dat lopers die minimaal 14 km/u halen, er het meest baat bij hebben. Is er dan geen enkele winstmarge voor ‘tragere’ lopers? Niet helemaal, volgens een studie van de St. Edward’s University in Austin. Lopers met een snelheid van 10km/u halen een licht voordeel van bijna 1% als ze een wedstrijd lopen op schoenen met een carbonplaat.

Interessante cijfers, alleen moeten we er een grote kant tekening bij plaatsen. “De juiste looptechniek is cruciaal om te bepalen of je geschikt bent voor de revolutionaire loopschoen”, geeft D’Hondt aan.
“De superschoen onderscheidt zich door een aanzienlijk hoogteverschil tussen de hak en de voorvoet (heel drop) in combinatie met een dikke foamzool (stack height). Dat maakt hem uniek, maar vereist een correcte landingstechniek, bij voorkeur op je midden- of voorvoet.
Ben je het niet gewend om je been of knie op te heffen en onder je zwaartepunt – de heup – te landen, dan liggen blessures en een terugslag effect onvermijdelijk op de loer. Daarnaast heeft de schoen een smal platform, vergelijkbaar met een wespentaille, wat een optimale afrol vergt.
Beperk hierbij zoveel mogelijk het grondcontact om het risico op een instabiele landing te verkleinen, want dat kan je looppatroon verstoren. Je merkt het: bij een superschoen hoort een supervrouw- of man.”
Stap voor stap
Stel, je krijgt groen licht van een adviseur om schoenen met een carbonplaat onder te binden. Mogelijks speelt dan de vraag door je hoofd of je met de wedstrijdschoen 44 ook mag trainen. Dat mag, op voorwaarde dat je dit verstandig doet, met een zorgvuldig gestructureerd overgangsplan. We schreven daar eerder al dit artikel over.
Zo optimaliseer je niet alleen je prestaties, maar minimaliseer je ook het risico op blessures. Boven dien krijgen je spieren de tijd om zich aan te passen. De belangrijkste tip: trek niet zomaar nieuwe schoenen aan om vervolgens je trainingsvolume en intensiteit aan te houden alsof er niks is veranderd.
Zo’n biomechanische verandering veroordeelt je gegarandeerd tot de lappenmand. En die dagen of weken aan de zijlijn wil je als fanatieke loper koste wat het kost vermijden.
Lees ook: Dit is waarom rouleren met je hardloopschoenen een goed idee is – RunningNL
Daarom kan onderstaand stappenplan soelaas bieden voor een goede overgang:
Situatieanalyse: analyseer je huidige hardloopgewoon ten, zoals je gebruikelijke afstand, de ondergrond waarop je loopt en je favoriete schoenen. Dit is de basis voor je overgangsplan.
Kies het juiste model: modellen met carbonplaten bestaan in alle vormen en maten. Kies dus zeker de schoen die het beste past bij jouw techniek, voetvorm en andere behoeften. Laat een wetenschappelijke bewegingsanalyse uitvoeren en luister naar de raad van een adviseur.
Kennismaking: draag tijdens de kennismaking je carbonschoenen voor kortere, minder intensieve trainingen. Doe dit één of twee keer per week. Het doel is om je lichaam aan de nieuwe techniek te laten wennen.
Afstand geleidelijk verhogen: schroef het aantal kilometers in je trainingsschema langzaam op. Er is geen exacte wetenschap voor, luister vooral naar je lichaam om een inschatting te maken. Een algemene regel luidt om de afstand met niet meer dan 10% per week te verhogen.
Afwisseling van schoenen: langere duurtrainingen en herstelloopjes doe je nog steeds met traditionele loop schoenen. Intervallen en tempotrainingen kan je afwer ken op carbonschoenen. Zo raak je niet te verknocht aan die extra veerkracht en haal je er nog meer voordeel uit op wedstrijddagen.
Geduld: loop niet te hard van stapel en wees geduldig. Je spieren zullen je dankbaar zijn.

Prijs-kwaliteit
Superschoenen zijn synoniem voor vedergewichten. Daarvoor grijpen producenten naar zo licht mogelijk materiaal en beperken ze de hoeveelheid rubber rond de carbonplaat. Dat roept vragen op over de duurzaamheid.
Na hoeveel kilometer zijn ze dan aan vervanging toe? “De schoenen hebben een kortere levensduur als je niet weet hoe je ermee moet lopen”, aldus D’Hondt. “De PEBA-foam bestaat uit gesloten cellen waardoor het zich vanzelf herstelt, tenzij je ermee sleept en schuurt over harde ondergronden. Daar is het niet voor gemaakt.
Ook hier dus vormt een goede looptechniek de rode draad. Ik kan het belang van een horizontale landing op midden- of voorvoet, net zoals bij touwtjespringen, niet genoeg benadrukken.
Heb je dit onder de knie, dan ben je er toch wat kilometers zoet mee. Een getal? Laten we niet alle modellen over dezelfde kam scheren, maar de Nike Vaporfly kan uit ervaring zo’n 400 km aan. Dat is iets minder dan de traditionele loopschoen, maar ik gok dat het in de toekomst alleen maar zal verbeteren.”
Wie voor carbon kiest, tast sowieso dieper in de geldbuidel. “Dat ligt niet zozeer aan de materialen, maar eerder aan de ontwikkelingskosten”, stelt D’Hondt.
“Schoenen met een carbonplaat worden veel minder geproduceerd en volgen de regels van de economie: hoe schaarser een product, hoe duurder. Ook het hele marketingverhaal rond successen van topatleten is een bepalende factor voor de prijs. Loop je graag in de voet sporen van beroemde lopers met bijvoorbeeld de Nike Alphafly? Dan tel je snel iets meer dan 300 euro neer.”